|
In 1971 herrees het
Zogse "Houten Muziek" uit zijn as.
De vereniging werd opgericht in 1839 en had als
kernspreuk: «Vermaak naar Vermogen»
De muzikanten spelen
op strobbels gemaakt
van boomwortels met grillige vormen.
Deze strobbels worden
uitgehold zen er wordt
een zware houten feep in
geplaatst. Deze instrumenten brengen bij het spelen
een zonderling geluid voort.
Heel wat muziekverenigingen
ontstonden in ons land na 1830, toen België
onafhankelijk werd en eenieder achter de fanfare wilde
opstappen om de pas verworven vrijheid te vieren.
De arme dorpen van
toen, die niet over de middelen beschikten om een
werkelijke fanfare tot stand te brengen, verloren
daarom echter de moed niet. Bovendien vierde de zin voor humor
heel dikwijls hoogtij en zo kwamen in onze streken heel wat
fantasierijke muziekkorpsen tot stand. Meestal waren zij
een nabootsing van de echte fanfares en vooral aloude
volksliederen waren de geliefde thema’s van deze grotendeels ludieke
verenigingen.
Zo bleef het Houten
Muziek van Hamme-Zogge met de veelzeggende kenspreuk
«Vermaak naar Vermogen» in volle bloei tot 1952 en
dan, overstelpt door allerlei evoluties van onze
moderne tijd, ging het folkloristisch muziekkorps
insluimeren. Het was echter maar een licht slaapje, want het
Houten Muziek dat vermaardheid had verkregen tot ver
in de omtrek, bleef stilletjes voortleven in de harten van de
Zoggenaars en steeds sprak men van die «Rare mannen
uit Zogge».
Heropleving
Enkele dynamische mensen besloten echter komaf te maken met de
winterslaap van deze vereniging. Zij sloegen de handen in
elkaar en dankzij de medewerking van Remi De Rijcke, Hubert
Cornu, William Van Dender, Albert Vermorgen, Cesar
Vercammen, Charles Vercammen, Theodoor Van Hecke,
Jozef VerhuIst en Marin Goossens, besloten zij om onder de
bezielende leiding van Jerome Vercammen de aloude
vereniging nieuw leven in te blazen. Dit voorlopig
bestuur kreeg destijds de geestdriftige medewerking van de hele
wijk.
Er werd duchtig
gerepeteerd op de oude en primitieve manier en al de
muzikanten droegen met trots de blauwe boerenkiel en muts,
alsmede de rode halsdoek met witte bollen. De
kapelmeester - dirigent in casu Hubert Cornu, in
slipjas en hoge hoed, verstond als geen ander de kunst
om zich in te leven in de rol van een
|
dirigent die geen gebrek had aan droge
humor. Alle zeilen werden bijgezet om het lijfstuk van het Houten Muziek te
kunnen uitvoeren. Hierin speelden en zongen de muzikanten om de beurt en er was een partij voorzien voor solisten.
Eenieder kon zich hier ten
volle in uitleven en bij het einde, als de kapelmeester
beval: «Allemoal gelijk en neig» kon men zich aan
een spetterend handgeklap van de menigte verwachten,
terwijl elkeen van de uitvoerders onbewogen en
stoïcijns kalm bleef.
Hiermede werd andermaal bewezen dat rijkdom en
weelde niet altijd de ware vreugde meebrachten.
Mede door het feit dat men het voorlopig bestuur, met name een
heemkundige kring,
hand in hand deed gaan met het Houten Muziek, probeerde men de gedachte aan dit culturele erfgoed
in ere te houden.
Onder leiding van de heer Gustaaf De Bondt werd in de jongensschool van 30
tot 31 mei
1971 een heemkundige tentoonstelling ingericht.
Het hoornmuziek
uit de Meerstraat, de aloude Zogse vaandels en andere
heemkundige documenten en voorwerpen met betrekking tot het
tijdperk der pauselijke Zouaven waren er te bewonderen.
Deze tentoonstelling was ook bedoeld als hulde aan de
heer Louis Van Driessche (schoonbroer van François Moortgat), een Zogse Pauselijke Zouaaf
Hij was destijds
voorzitter van het Houten Muziek en
hij aarzelde niet om aan de
oproep van Pius IX gehoor te geven. Bijgevolg vertrok hij in 1869
naar Rome om dienst te nemen in het pauselijk leger.
Hij nam eveneens deel aan meerdere veldslagen.
Er is een bijzondere documentatie gewijd aan deze
illustere Zoggenaar.
All tentoongestelde documenten zoals foto’s en de brieven die hij naar
huis en vrienden schreef werden
door zijn familie bereidwillig ter beschikking
gesteld. Dit alles werd aangevuld met
werken van de Zogse kunstschilder en glazenier Franklin Vercammen, 1ste prijs aan het Hoger Instituut
voor Schone Kunsten van Antwerpen en meerdere andere
prijzen.
De tentoonstelling was zeker een bezoek overwaard.
Steunkaarten waren te verkrijgen aan 20 Bef met gratis inkom en gratis
tombola. De eerste prijs was een schilderij van Franklin
Vercammen; 2de prijs een beste stuk stof; 3e prijs een
hesp en er waren meerdere andere prijzen.
Deze merkwaardige tentoonstelling werd plechtig geopend
door het Houten Muziek op zondag 30 mei om
10.30 uur.
Op deze manier probeerde men de oude Zogse folklore voor de jeugd te
doen herleven.
Reporter 17
|