|
Hamme-Zogge,
Onze
(onbezoldigde) verslaggever Kadéken besloot onlangs om
even een ommetje te maken via de Heirbaan en even te
gaan buurten bij Wally De Doncker, van beroep
schrijver, met ondertussen internationale bekendheid.
In dit geval geen BZ dus, maar wel een IBZ.
Als
driejarige kwam hij
vanuit het verre Aarsele
aangewaaid in Zogge, samen met
een hele familie "De Doncker".
Wally groeide op in Zogge en van enig West-Vlaams
accent tijdens de omgang met leeftijdsgenoten was weldra geen sprake meer.
Tijd nu om de auteur zelf aan het woord te laten.
Door wie zou je graag eens geďnterviewd worden?
Interviewers die zich goed voorbereid hebben en verrassende vragen stellen,
genieten mijn voorkeur. Deze eerste vraag was een verrassende vraag dus je zit
goed.
Wat is jouw lievelingsboek (dat je zelf geschreven hebt)?
Ik heb geen lievelingsboek van mezelf. Elk boek is anders en op zich dan ook
waardevol. Het is niet belangrijk wat ik het mooiste boek van mezelf vind. Veel
belangrijker is om te horen welk boek mijn lezers het mooiste vinden. Dat
verschilt nogal eens. Sommigen kiezen ‘Een opa met gaatjes’ of ‘Mijn neefjes
zijn wolven’. Anderen zeggen ‘Ik Mis Me’ ‘Ahum’ of ‘Een touwtje naar de maan’.
Zo hoort het ook, denk ik.
Wie is je lievelingsschrijver?
Toon Tellegen met zijn filosofische verhalen over de eekhoorn vind ik prachtig.
Ook Roald Dahl, Jostein Gaarder, Uri Orlev, Ulf Stark...
Waar haal je jouw inspiratie?
Uit mijn eigen omgeving: mensen die me omringen (familie, school, dorp...),
ervaringen uit mijn eigen kindertijd en mijn eigen denkspinsels. De bomen naast
mijn achtertuin vormen een inspiratieveld.
Kreeg je vroeger in de lagere school goeie punten voor stellen of opmerkingen?
Ik haalde goede resultaten in de lagere school. Ik weet me eigenlijk nog weinig
van mijn stelwerkjes te herinneren. Ik was gek op lezen. De opening van de
bibliotheek in Zogge was voor mij een heel belangrijke gebeurtenis in mijn
leven. Zo kon ik mijn enorme leeshonger stillen. Als kind wou ik echter geen
schrijver worden. Automecanicien worden was mijn grote droom.
Wanneer begon je echt met schrijven?
In de jaren tachtig kreeg ik de opdracht om de middagstudie voor de kinderen van
het vijfde en het zesde leerjaar (College Dendermonde) te organiseren. De
leerlingen mochten toen hun les al voorbereiden of hun huiswerk voor de volgende
dag beginnen maken. Als het heel slecht weer was liepen de kinderen van het
eerste tot en met het vierde leerjaar buiten. Soms stonden ze te bibberen voor
het raam. Uit medelijden liet ik hen binnen. Zo zaten we met honderden kinderen
in die grote studieruimte. Ik ben daar geďmproviseerde verhalen beginnen
vertellen. De stiltes die ik tijdens het vertellen bij de leerlingen kon
opwekken hebben me aan het denken gezet. Mijn vrouw gaf me de raad om die
verhalen op papier te zetten. Zo is het begonnen.
En wanneer is je eerste boek uitgegeven?
Twee jaar later in 1989 werd mijn eerste boek ‘Soessol, Soessol’ gepubliceerd
bij Standaard Uitgeverij in Antwerpen.
Wie mag het boek eerst lezen, nog voor het is uitgegeven?
Marianne, mijn vrouw, is altijd mijn eerste lector. Ze leest kritisch. Zij is
mijn ideale klankbord.
Wie illustreert jouw boeken en werk je daar mee samen?
Ik werk met verschillende mensen samen. Het drieluik rond ‘Ik Mis Me’ werd
geďllustreerd door Gerda Dendooven. Mijn dierenverhalen door Veerle Derave. ‘Ik
wou dat ik een pop was’ kreeg de illustraties van de Nederlander Harmen Van
Straaten mee. Bij een eerste verkennend gesprek wordt er lang over het verhaal
gepraat. Daarna zet de illustrator zich aan het werk. In samenspraak met mij en
de uitgever wordt er dan verder gewerkt. Ik hecht veel belang aan een goede
doorgedreven samenwerking.
Kun je van jouw pen leven?
Ja. Ik weet dat dit een voorrecht is. Ik probeer me als schrijver zoveel
mogelijk onafhankelijk op te stellen. Dat geeft me de vrijheid om niet te moeten
dansen naar de pijpen van de koning.
Waar schrijf je het liefst?
In de veranda of in de tuin.
|
Schrijf je met een pen of met computer?
Met een computer.
Wat is jouw favoriet onderwerp?
Ik schrijf over wat me overkomt of wat me opvalt.
Welke bekroningen heb je al gekregen en welke was de mooiste?
Vorig jaar werd mijn boek ‘Tsjilp, zegt de vis’ geselecteerd voor The White Ravens in Bologna. En zoals je weet zijn witte raven bijzonder zeldzaam. De
Franse vertaling van ‘Ik Mis Me’ werd uitgekozen tot een van de beste
kinderboeken van Frankrijk voor Flash 2003. De nominatie van ‘Ik Mis Me’ voor de
Gouden Uil was ook bijzonder. Ik zit echter niet te wachten op bekroningen. Ik
vind het veel belangrijker om creatief vrij te zijn.
Welke toekomstplannen heb je als schrijver?
Een verhaal schrijven dat over honderd jaar nog gelezen en besproken wordt.
Zou je ergens anders willen wonen dan op Zogge?
Zogge is een mooi plekje waar ik graag woon. Niet alles is er perfect en
misschien is het daarom aantrekkelijk. Zogge inspireert me op vele vlakken.
Enkel Zoggenaren kunnen dat weten als ze mijn boeken lezen. Voor mijn andere
lezers maakt het niet uit. Mensen zijn overal in de wereld hetzelfde.
Ik doe mijn vormsel in mei, weet je nog iets over dat van jou?
Pastoor Engels bereidde ons de laatste zes weken op het vormsel voor. Na het
vormsel bezocht ik samen met mijn moeder zowat iedereen uit de buurt om me als
nieuwe christen volwassene (of mijn nieuwe kostuum) te laten zien. We bleven
zowat overal een halfuurtje. Bij elk bezoekje werd ik telkens een paar
tientallen franken rijker.
Heb je nog herinneringen die dateren uit jouw kinderjaren in Aarsele?
Nee, ik kan me alleen nog iets herinneren van de verhuis naar Zogge. Ik was toen
nog geen drie jaar. We reisden wel elke zondag terug naar West-Vlaanderen. ‘De
pop met gaatjes’ uit het boek ‘Een opa met gaatjes’ lag in de woonkamer van mijn
grootouders in Kanegem.
Welk boek van jou zou je het liefst verfilmd zien? Waarom?
Er wordt momenteel hard gewerkt aan het filmscenario van een van mijn boeken.
Vorig jaar werd ik tijdens het internationaal filmfestival in Gent benaderd door
een Vlaamse producer met de vraag om een van mijn boeken te verfilmen. Het is
een groot en duur project. Ik wil er niet veel over kwijt. Afwachten is de
boodschap.
‘Ik Mis Me’ werd inmiddels al een korte dansfilm met de titel ‘Zus zonder zus’.
Het is een echte art movie geworden, heel eigenzinnig maar ik ben er wel trots
op. De film werd geproduceerd door het ‘Cacao Bleu Collectief’. Hij draaide al
met succes op verschillende kunstfestivals. Een ander boek van de trilogie wordt
volgend jaar bewerkt tot een korte animatiefilm. Ik leef dus in een blijde
filmverwachting.
Wie bedenkt de titels van jouw boeken?
Niemand minder dan ikzelf.
Schrijf je nog steeds gedichten?
Zeker, vaak met een geslepen pen.
Denk je dat jouw boeken ook interessant zijn voor volwassenen om de problematiek
van hun kinderen beter te begrijpen?
Heel wat van mijn boeken krijgen het etiket ‘voor alle leeftijden’ mee. Zowel in
het binnen- en het buitenland. ‘Een opa met gaatjes’ is daar een goed voorbeeld
van. Het boek is verplichte lectuur voor al wie in de verzorgingssector wil
werken. Deze maand nog werd het boek volop in de schijnwerpers gezet door de
Vlaamse expertisecentra voor dementie. Het theaterstuk ‘Opa met gaatjes’
beleefde deze week zelfs een nieuwe premičre in Nederland. Ook andere boeken
gaan dezelfde weg op. Tijdens een lezing in Engeland werd ik voorgesteld als
iemand die universele verhalen schrijft. Overal in de wereld lijken er
Toesjepanen te bestaan zoals in ‘Ahum’. Ook in de Aziatische landen zijn er oude
mensen die vereenzamen in hun dorp. In ‘Ik Mis Me’ stelt de hoofdpersoon de
vraag hoe de wereld er zou uitzien zonder zichzelf. Daar zijn niet alleen
kinderen mee bezig.
Met dank aan Wally en aan Kadéken voor hun
gewaardeerde medewer-king.
Reporter 17 |